Lees meer over dit woord
Hair
Haar groeit op de hoofdhuid en over het grootste deel van het menselijk lichaam. We gebruiken bijvoeglijke naamwoorden zoals 'krullend', 'recht' of 'golvend' om de textuur te beschrijven.
Voorbeelden in context
She has long brown hair.
Ze heeft lang bruin haar.
He cuts his hair every month.
Hij knipt zijn haar elke maand.
Ontdek meer Engelse stapels
💬 Word tweetalig met onze lerares Umi
Umi corrigeert je uitspraak en grammatica, en leert je op een natuurlijke manier te antwoorden.